Vragen vanĀ het lidĀ Dik-FaberĀ (ChristenUnie)Ā aan deĀ ministerĀ en staatssecretarisĀ vanĀ Infrastructuur en Waterstaat overĀ het dumpen van vervuildĀ slibĀ uit het buitenland inĀ eenĀ NederlandseĀ recreatieplas.

  1. Kent u het artikel ‘De recreatieplas wordt een afvoerputje‘ en ā€˜Vervuilde grond hier gedumpt; Vies slib uit buitenland in Nederlandse putten’ in DeĀ GelderlanderĀ d.d.Ā 26 maart 2018?
  2. Bent u met mijĀ van mening dat het onwenselijk en onverantwoord is om slib uit het buitenland te storten met een andere samenstelling dan de grond in het stroomgebied waar de zandwinput zich bevindt die voorĀ deĀ stort wordt gebruikt? Zo nee, waarom niet?
  3. Bent u met mij van mening dat het onwenselijk en onverantwoord is om slib in zandwinputten te storten met een overvloed aan nutriƫnten, waardoor excessieve algengroei ontstaat? Zo nee, waarom niet?
  4. Bent u met mij van mening dat alle slib, ongeacht de afkomst, bij toepassing in Nederland ook in Nederland gekeurd zou moeten worden? Zo nee, waarom niet?
  5. Kunt u aangeven op welke manier geborgd wordt dat geen verontreinigd slib wordt toegepast?
  6. Kunt u toelichten wat de rol van Rijkswaterstaat is in deze? Is Rijkswaterstaat volgens u voldoende in staat om toezicht en handhaving uit te voeren? Waarom wel/niet?
  7. Bent u met mij van mening dat de opbergcapaciteit in diepeĀ plassenĀ beter bewaard kan worden voor toekomstige binnenlandse behoefte aan berging van slib uit onze eigen rivieren? Zo nee, waarom niet?
  8. Op welke wijze worden toezicht en handhaving verbeterd in de Omgevingswet? Bent u bereid vooruitlopend daarop alvast maatregelen te treffen om het toezicht op de handel en verwerking van slib te verbeteren?